13-01-07

Voor eeuwig gratis dankzij Leopold II

leopold

Het onwrikbare fundament van het vermogen van de koninklijke familie is de Koninklijke Schenking. Die vastgoedmoloch is officieel een staatsinstelling, maar in werkelijkheid gaat het om een vermomde patrimoniumvennootschap. Met eeuwige dank aan Leopold II.

Prins Laurent zei het eerder deze week letterlijk toen hij door de politie werd verhoord: ,,Deze woning werd mij ter beschikking gesteld door de koning.''

Hij had het over 'zijn' Villa Clémentine in Tervuren. Anders dan uit de woorden van de prins zou kunnen blijken, is dit landgoed nochtans niet de eigendom van koning Albert II, maar wel van de Koninklijke Schenking.

De villa werd, volgens de aanklacht in het fraudeproces in Hasselt, op kosten van de zeemacht ingericht en bemeubeld. De prins wil dat geld nu terugbetalen, toch voor het meubilair dat het leger liet leveren.

De kosten voor de afwerking van de villa vallen dan ten laste van de eigenaar, de Koninklijke Schenking, al beloofde de afgevaardigd beheerder daarvan, de gepensioneerde ambtenaar Marc Hertveldt, begin deze week nog in dat geval ,,een juridische strijd die alles behalve evident zal zijn''.

,,Inderdaad'', bevestigt Philippe Lens, de secretaris van de Koninklijke Schenking. ,,De koning beslist wie welke koninklijke residentie betrekt.''

Dat is eigenaardig, aangezien de Schenking een staatsinstelling is die onder controle staat van de minister van Financiën en van het Rekenhof.

Het lijkt dan ook voor de hand te liggen dat de beheerraad ervan zijn zeg doet over wie in zijn patrimonium gaat wonen. Maar het is dus de koning die dat doet.

Vruchtgebruik

De klanten van de Koninklijke Schenking zijn even weinig alledaags als haar aard en voorgeschiedenis. Ze ontfermt zich over de immense onroerende rijkdom die koning Leopold II verzamelde. In zijn levensavond vond hij het geen goed idee dat al dat fraais na zijn dood onder zijn drie - volgens hem al te spilzieke - dochters zou worden verdeeld.

Daarom deed hij de Belgische staat al in 1901 zijn kastelen en landerijen cadeau. Zijn nageslacht kon het stellen met net zoveel als hijzelf indertijd van zijn vader Leopold I had geërfd: 15 miljoen goudfrank.

Leopold II stelde die operatie niet voor als een financiële transactie. Nee: hij wilde zijn erfgoed in stand houden zoals het was, ,,naar Ons verlangen'', om zo ,,de luister en de schoonheid'' van waar het is gelegen, te bevorderen. Dat leek genereus, maar de vorst verbond wel voorwaarden aan zijn gift.

De zogenaamde gereserveerde of kroongoederen zouden voor eeuwig gratis ter beschikking staan van de koninklijke familie. Er mocht ook niets aan worden gewijzigd. Leopold vond dat het perfect was zoals hij en zijn architecten het hadden bedacht.

Er iets van verkopen, mocht al evenmin. Zo werd de staat alleen de naakte eigenaar van al dat onroerend goed. Het vruchtgebruik zou voor altijd aan de royals toekomen.

450 miljoen euro

Is er zo van erfenisrechten al geen sprake, de koninklijke bewoners hoeven al evenmin te vrezen voor het dure onderhoud van al die residenties. Want bij de kroongoederen hoort nog een pak andere bezittingen. Die worden verhuurd aan derden, om met de opbrengsten daarvan de kroongoederen in stand te houden.

Om de boekhouding overzichtelijk te houden, stopte de regering in 1930 alles in één structuur, de Koninklijke Schenking, die een uniek statuut kreeg als een zelfstandige openbare instelling van de staat.

Het gebeurt maar zelden dat de Schenking iets verkoopt, al zag ze zich vorig jaar uit geldnood wel verplicht de bekende Koninklijke Villa in Oostende van de hand te doen.

Maar haar patrimonium groeit ook nog aan, door nieuwbouw of door schenkingen. Zo lieten royalistische fans haar het bekende kasteel van Hertoginnedal en de bioscoop Vendôme in Elsene na.

Niet dat alleen het directe nut hoeft te tellen: enkele van Leopolds bezittingen kregen een bestemming van openbaar nut. Maar dat betekent ook weer niet dat de Koninklijke Schenking aan liefdadigheid wil doen, want het beheer daarvan is toevertrouwd aan openbare instellingen, die er dus ook de kosten van dragen.

In het geval van de Japanse Toren of het Chinees Paviljoen in Laken zijn dat de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis.

Vandaag is de Koninklijke Schenking, die zowat 125 mensen in dienst heeft, een van 's lands belangrijkste grootgrondbezitters, met een bezit van naar schatting 450 miljoen euro. Haar inkomen bedraagt (in 2005) dik 15 miljoen, dat ze vooral puurt uit huurgeld en, voor ruim een derde, uit opbrengsten van beleggingen. Ze boekte een positief eindsaldo van ruim 6 miljoen euro.

Al heeft de overheid inderdaad geen kosten aan de Koninklijke Schenking, een staatsinstelling als elke andere is ze allerminst. De werking ervan overstijgt ruimschoots wat eventueel de plicht van de overheid zou zijn om de koninklijke familie van onderdak te voorzien.

Dat laatste doet ze trouwens al via de civiele lijst, waardoor de koning beschikt over het kasteel van Laken en het koninklijk paleis in hartje Brussel.

Congo

De Schenking is een typisch hersenspinsel van de zakelijk erg geslepen koning Leopold II. Vooral met de winsten uit zijn brutale exploitatie van Congo had hij een aanzienlijk patrimonium vergaard, dat hij om tal van redenen voor de eeuwigheid bewaard wilde zien.

Hij deed dat uit eigendunk en megalomanie, maar ook om zijn opvolgers een prestigieus onroerend bezit na te laten dat hen niets zou kosten en hen onafhankelijk kon maken van de staat.

De overheid, de politiek of de gemeenschap, die er direct geen baat bij hebben, krijgen inderdaad weinig of niets in de pap te brokkelen in de Koninklijke Schenking. De officiële controle erop blijft beperkt tot het toezicht op, wat de overheid betreft, de primaire taak van de instelling: ervoor zorgen dat ze zelfbedruipend is en de schatkist dus niets kost.

De beslissingsbevoegdheid ligt volledig in handen van de koninklijke familie. De beheerraad bestaat voor de helft uit hofdignitarissen, voor de andere helft uit al dan niet gepensioneerde hoge ambtenaren, ook van het Vlaamse en het Waalse Gewest.

De Koninklijke Schenking heeft haar officiële adres trouwens niet bij een of ander ministerie, maar bij het koninklijk paleis zelf.

Als er moet worden beslist over de bestemming van een of ander gebouw, doet de koning dat, zoals prins Laurent bevestigde bij zijn verhoor.

Wanneer het bestaande patrimonium niet voldoet aan de koninklijke noden, slaat de Koninklijke Schenking aan het bouwen. Dat deed ze met de Villa Clémentine voor prins Laurent en met de nieuwe residentie bij het kasteel van Stuyvenberg voor prinses Astrid.

Door dit alles bezit de Koninklijke Schenking, met haar vrij gunstige fiscale regime als staatsinstelling, een zeer beperkt openbaar nut. Veel meer dan een vermomde patrimoniumvennootschap van de koninklijke familie is ze niet. Ze is een van die schimmige, nooit goed geregelde erfenissen uit het verleden, die allerminst blijk geeft van veel democratische transparantie.

 Marc Reynebeau

 

Bron: Het Nieuwsblad

De commentaren zijn gesloten.